Uit TheaterEncyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Biografie

Niels Hamel (1933) is een Nederlands theatervormgever en beeldend kunstenaar. Hij koos evenals zijn drie broers voor een artistiek leven. Op zeventienjarige leeftijd ging hij studeren aan de Koninklijke Academie in Den Haag. Hij vervolgde zijn kunstopleiding aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam, waar hij in 1955 afstudeerde in de Vrije en Monumentale kunsten. Aansluitend kreeg hij beurzen voor Maison Descartes in Parijs en het Hoger Instituut van Schone Kunsten in Antwerpen. Als beeldend kunstenaar liet Hamel zich sterk beïnvloeden door het Duitse en Vlaamse expressionisme en ontwikkelde hij daaruit een eigen stijl. Hij schildert abstracte vormen in heftige kleuren, onderbroken door een korte periode van figuratief schilderen. Dit abstract expressionisme geldt ook voor de wandschilderingen, mozaïeken en betonreliëfs, die hij in opdracht van Rijk en Gemeente heeft gemaakt. En dezelfde stijlkenmerken zijn karakteristiek voor de scenografie, die Hamel vanaf de jaren zestig tot in de jaren negentig van de vorige eeuw voor tal van theaterproducties is gaan ontwerpen.

Al tijdens zijn studie aan de Amsterdamse Academie begon Hamel met het ontwerpen van decors voor jeugdtheaterproducties. Hij werd daarin gestimuleerd door zijn docent scenografie, theatervormgever Wim Vesseur (1919-1977). Zijn eerste expressionistisch-surrealistische decor en kostuums voor het professionele theater ontwierp hij in 1964 voor Uburleske, Alfred Jarry’s Ubu Roi, op uitnodiging van regisseur Hans Croiset. Later zegt Hamel daarover: “Ik wierp me er met veel enthousiasme in en droomde ervan een soort Gesamtkunstwerk te maken: een totaaltheater waarbinnen zich beeldende kunst en drama volkomen integreerden.”

Zo’n totaaltheater had Hamel ook voor ogen toen hij met theatermaker Annemarie Prins in 1966 het experimentele Theater Terzijde oprichtte: een groep kunstenaars die het samengaan van beeldende en theaterkunst onderzocht. Hamel schilderde enkele doeken voor de eerste twee van de zes voorstellingen, die de groep tot de subsidiestop zou neerzetten. Het groepsproces lag hem niet. Hamel vertrok begin jaren zeventig voor enige tijd naar New York, waar hij samenwerkte met het avant garde theatercentrum La Mamma en experimenteerde met nieuwe technieken van licht, beeld en geluid.

Na terugkomst bleef Hamel naast beeldend kunstenaar ook als theatervormgever werken. Een intensieve dialoog met de regisseur was voor hem daarbij van essentieel belang. Hij werkte het liefst samen met steeds dezelfde regisseurs. Aanvankelijk waren dat Johan de Meester en Hans Croiset bij de Nieuwe Komedie en Toneelgroep Theater. Later bracht Hans Croiset hem in contact met regisseur Erik Vos. Tussen die twee was er direct een goede chemie toen zij in 1968 voor het eerst samenwerkten aan Brecht’s De goede mens van Sezuan bij Toneelgroep Theater. Hamel ontwierp het toneelbeeld en zou dat in 1975 nog eens doen voor dat stuk, inclusief de kostuums, maar dan bij het Publiekstheater en voor het laatst samen met Hans Croiset. Toen Vos in 1972 in Den Haag Toneelgroep De Appel oprichtte, verhuisde Hamel vanuit De Nieuwe Komedie met hem mee en is bij die groep meer dan twintig jaar als vaste scenograaf blijven werken. Voor beiden was dat een periode van vruchtbare samenwerking. Hamels beeldende benadering van het drama droeg bij tot het scheppen van een theatervorm die meer aandacht besteedt aan de ruimtelijke en visuele aspecten en niet in de eerste plaats aan de tekst. Die benadering heeft samen met de levendige fysieke speelstijl van Vos’ regie De Appel destijds tot één van de belangrijkste theatergroepen van het land gemaakt. Ook vanuit het buitenland kreeg het koppel Vos-Hamel veel aandacht. Zij werden uitgenodigd om producties te ensceneren in Duitsland en de Verenigde Staten. Pas toen Niels Hamel in 1986 besloot meer tijd aan zijn vrije kunst en minder aan het theaterwerk te willen besteden, stelde Vos een tweede vaste ontwerper aan, Tom Schenk.

Vos karakteriseerde Hamels ontwerpen wel eens als ‘wonderlijke visioenen’, die veel verder reiken dan een regisseur ooit zou kunnen bedenken. Niels Hamel zelf is zijn theatervormgeving altijd als een vorm van beeldende kunst blijven beschouwen en dat is in zijn scenografie ook duidelijk zichtbaar. In zijn (totaaltheater-)opvatting maken de spelers deel uit van het visuele concept. De toneelruimte en de mise-en-scène zijn voor hem met elkaar verweven en van elkaar afhankelijk. Omdat het toneelbeeld voor hem een wezenlijk deel van de toneelruimte bepaalt, wil hij het liefst ook de hand hebben in de wijze waarop de ruimte gebruikt wordt. Zijn ontwerpen zijn dan ook bepalend voor de mise-en-scène. In een interview karakteriseert Hamel zijn scenografieopvatting: “Ook de meeste regisseurs begrepen niet dat voor mij het theater bestaat uit beelden en dat vooral de driedimensionale ruimte, het gebruik daarvan en de beweging van de spelers daarin, mij fascineert. (..) Ik interesseer me niet zo erg voor de motivatie van een bepaalde handeling. Ik vind in sommige gevallen het zien van de hand die een glas vasthoudt belangrijker dan de reden waarom dat gebeurt, en ik vind de beweging van een kostuum tijdens een liefdesscène haast even belangrijk als de scene zelf.”

Toen toneelgroep De Appel in 1975 van een voormalige Scheveningse tramremise zijn nieuwe theater maakte, kregen Vos en Hamel letterlijk alle ruimte voor artistieke vernieuwing. Doordat de publieksopstelling daar veranderbaar is, kan er steeds een andere ‘theatrale omgeving’ worden gerealiseerd, waardoor het contact van publiek en spelers wordt geïntensiveerd. De enscenering van Aischylos’ Oresteia uit 1975 liet dat goed zien. De publiekstribune stond om een ronde speelruimte opgesteld met centraal daarin een ruwhouten trap die nu eens als tempeltrap werd gebruikt en dan weer als boot, waar vanaf de roeiers hun roeispanen neerlieten. Hamel gebruikte veel oorspronkelijke materialen als zand, hout, jute, veren, touw en metaal - in contrast met de traditionele ontwerpen naar Griekse peploi, al dan niet gestileerd. Volgende ensceneringen van bijvoorbeeld King Lear, Wachten op Godot of Oom Wanja werden steeds anders neergezet. Later werkte Hamel nog mee aan ad-hocvoorstellingen en toneel- en muziektheaterproducties in De Paardenkathedraal in Utrecht, soms ook als regisseur, zoals in zijn laatste voorstelling Moraviascape, in 1996.

Niels Hamel was van 1981 tot 1990 werkzaam als gastdocent bij Artibus Utrecht en de Rietveld Academie in Amsterdam. Van 1993 tot 1997 was hij artistiek leider van de opleiding Masters of Arts in Scenography, een internationaal samenwerkingsverband van kunstscholen, geleid door het St. Martin’s College of Art in London en de Hoge School van de Kunsten in Utrecht. Naast zijn theaterwerk is Hamel altijd als vrije beeldende kunstenaar actief gebleven, 25 jaar lang deed hij dat in zijn woning in het kunstenaarsdorp Ruigoord bij Amsterdam. De laatste jaren wijdt hij zich volledig aan zijn vrije werk in zijn huis in de Creuse in Frankrijk.

Theater/Dans

Een chronologisch en daaronder een link naar een alfabetisch overzicht van de voorstellingen die in première zijn gegaan en waarbij hij geregistreerd werd voor het ontwerpen van het decor, alsmede naar zijn overige bijdragen aan voorstellingen, voor zover geregistreerd in de Productiedatabase.

 
Het geheim van de prins - Toneelgroep Puck - 1952-10-04
Had je me maar, of Hoe Jan Klaassen z'n Katrijntje kreeg - Toneelgroep Puck - 1953-11-14
Het bloedrood café - Comité Het Nederlandse Stuk - 1957-07-14
Sektor Oost-West - Stichting Toneelgroep Studio - 1957-09-10
De kruik - Amsterdams Ballet - 1960-11-23
De schaduw - Scapino Ballet - 1961-10-06
De rondgang van Maaier Makaber - Nieuwe Komedie - 1963-09-16
Leer om leer - Nieuwe Komedie - 1964-04-10
Omzien in wrok - De Nederlandse Comedie - 1964-10-24
Uburleske (Ubu Roi) - Toneelgroep Theater - 1964-11-07
De meeuw - Ensemble - 1964-11-29
De avonturen van de brave soldaat Svejk - Toneelgroep Theater - 1965-01-01
Tijl Uilenspiegel - Studententoneel en Studentencabaret - 1965-06-25
Niet als bewijs toegelaten - De Nederlandse Comedie - 1965-09-25
Kabaal in Chioggia - Toneelgroep Theater - 1966-01-02
De heilige Johanna van de slachthuizen - Toneelgroep Theater - 1966-03-12
Tweelingbroer gezocht - Toneelgroep Theater - 1966-09-10
Trommelen in de nacht - Toneelgroep Theater - 1967-01-14
Voor het donker wordt - Toneelgroep Theater - 1967-09-15
Driekoningenavond of Wat u maar wilt - Toneelgroep Theater - 1968-01-01
De goede mens van Sezuan - Toneelgroep Theater - 1968-03-16
Een blijde gebeurtenis - Stichting Het Amsterdams Toneel - 1971-12-10
Crimes of Sex and Violence - Stichting Mickery Workshop - 1972-05-02
De vos - Nieuwe Komedie - 1972-05-19
Het verhaal van de soldaat - Nieuwe Komedie - 1972-05-19
Peer Gynt - Toneelgroep De Appel - 1973-04-13
Droom van een midzomernacht - Publiekstheater - 1973-09-21
Macbett - Toneelgroep De Appel - 1974-01-10
De nachtegaal - Toneelgroep De Appel - 1974-02-12
De geschiedenis van de soldaat - Toneelgroep De Appel - 1974-02-12
Don Juan - Toneelgroep De Appel - 1974-11-21
Bingo - Toneelgroep Centrum - 1974-11-28
De goede mens van Sezuan - Publiekstheater - 1975-03-22
Agamemnoon - Toneelgroep De Appel - 1975-12-18
Oresteia - Toneelgroep De Appel - 1977-12-16
Koning Lear - Toneelgroep De Appel - 1981-11-13
Wachten op Godot - Toneelgroep De Appel - 1984-12-19
Oom Wanja - Toneelgroep De Appel - 1984-12-21
De klucht van de koe - Utrechtse Theater Initiatieven - 1985-07-02
De tragikomedie van Don Cristobal en Dona Rosita - Stichting Tamam - 1986-09-11
De vervolging van en de moord op Jean Paul Marat opgevoerd door de verpleegden van het krankzinnigengesticht van Charenton onder regie van de heer De Sade - Toneelgroep De Appel - 1986-11-05
De beer - De Jungle - 1991-02-27
Liefdes schijnbewegingen - Stichting Rein Edzard Produkties - 1993-04-15
Het uur U / Awater - De Paardenkathedraal - 1994-10-07
Yerma, tragisch gedicht in drie bedrijven en zes beelden - De Paardenkathedraal - 1995-03-03
Tragisch gedicht in drie bedrijven en zes beelden - De Paardenkathedraal - 1995-03-03 Yerma
Moraviascape - De Paardenkathedraal - 1996-01-24

Ontwerpen in de Collectie TIN

In de Collectie TIN bevinden zich decor- en kostuumontwerpen, kostuums, en enkele maquettes van Niels Hamel. Hieronder een selectie.

N.B. Wilt u een compleet overzicht van alle werken van Niels Hamel in de Collectie TIN? Raadpleeg dan de catalogus: zie Catalogus Bijzondere Collecties UvA Uitvoerende kunsten

Kostuumontwerp voor Uburleske 234482.jpg Kostuumontwerp voor Uburleske 234484.jpg

Kostuumontwerpen van Niels Hamel voor Uburleske, Toneelgroep Theater 1964. Collectie TIN.

Vier decorontwerpen voor Oom Wanja 239058.jpg Kostuumontwerp voor L. van Rooy als Mosterdzaad en Bernhard Droog als Puck in Een Midzomernachtsdroom 362534.jpg

Links: Decorontwerpen van Niels Hamel voor Oom Wanja, Toneelgroep De Appel 1984. Rechts: Kostuumontwerp voor L. van Rooy als Mosterdzaad en Bernhard Droog als Puck in Een Midzomernachtsdroom, 1957. Collectie TIN.

Uburleske 363829.jpg De goede mens van Sezuan 363834.jpg

Links: Maquette van Niels Hamel voor het decor van Uburleske, Toneelgroep Theater 1964. Rechts: Maquette van Niels Hamel voor het decor van De goede mens van Sezuan, Toneelgroep Theater 1968. Collectie TIN.

Bronnen