Persoonlijke instellingen

Tijdlijn Muziektheater:1946

Uit Theaterencyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken


1946: Oprichting van De Nederlandse Opera, voorloper van het gezelschap dat nu het Muziektheater bespeelt

Op 28 mei 1946 wordt De Nederlandse Opera opgericht. Onder directie van Paul Cronheim en muzikale leiding van Paul Pella vormt het Amsterdamse gezelschap een eigen ensemble: orkest, koor en ballet. De solisten krijgen tevens een vast engagement. De Nederlandse Opera wordt een landelijke instelling en ontvangt dan ook subsidie van de rijksoverheid. Het gezelschap heeft bij de oprichting nog geen eigen huisvesting. De Amsterdamse Stadsschouwburg bespeelt men samen met de Nederlandse Comedie en later ook met Het Nationale Ballet. Zodoende vinden kleine repetities plaats in het St. Willibrordushuis, Theater Bellevue, Carré of Felix Meritis. De decorateliers zijn in de beginperiode gevestigd op de zolder van de Heineken Brouwerij aan de Stadhouderskade in Amsterdam. Het repertoire van De Nederlandse Opera is in de beginjaren niet spectaculair te noemen, maar de kwaliteit voldoet, want aan publiek ontbreekt het niet. In het eerste seizoen staan onder meer La Bohème, La Traviata, Rigoletto en Tosca op het programma. Tot 1960 worden veel libretti naar het Nederlands vertaald, om de confrontatie met Duitstalig repertoire uit de weg te gaan, maar ook om het publiek beter kennis te laten maken met de inhoud van de werken. Na 1960 geeft het publiek de voorkeur aan de originele taal van de opera’s.